fiscalistenonline.nl: Dochter in huis, eigenwoning-regeling exit
Lees voor het aanmelden de voorwaarden.

Dochter in huis, eigenwoning-regeling exit

De belastingwet kent een speciale regeling voor de eigen woning van werknemers die voor hun werkzaamheden naar het buitenland worden uitgezonden. Als de expat zijn woning in Nederland aanhoudt kan die woning fiscaal een eigen woning blijven, met een doorlopende hypotheekrenteaftrek, ook al staat de woning hem (en zijn gezinsleden) niet meer als hoofdverblijf ter beschikking. De expat moet dan wel aan diverse voorwaarden voldoen. Een van die voorwaarden is dat hij de woning niet aan derden ter beschikking stelt. Dus ook niet aan zijn meerderjarige dochter, zo blijkt uit een recente uitspraak van de belastingrechter. Als dochterlief haar intrek neemt in de woning, vervalt de eigenwoning-regeling.

Frank de Groot was in loondienst bij NV X. In 1994 werd hij door zijn werkgever uitgezonden naar Nigeria. De Groot, zijn vrouw en hun twee dochters gingen daar wonen. Zijn woning in Nederland hield hij aan, omdat hij niet wist hoe lang zijn uitzending naar het buitenland zou gaan duren. De woning in Nederland bleef fiscaal een eigen woning, met een doorlopende renteaftrek. Na jaren in Nigeria gewerkt te hebben, werd De Groot naar Engeland uitgezonden. Hij verhuisde daar naar toe, met vrouw en dochters. Het jaar daarop ging De Groot’s oudste dochter – Helena, geboren in 1983 – in Nederland studeren. Zij woonde een korte periode in een studentenhuis, vanaf 15 maart 2007 ging ze in de ouderlijke woning wonen. 

Voor de belastinginspecteur was dat genoeg reden om de eigenwoning-regeling voor die woning niet langer toe te passen. De Groot had zijn woning in Nederland per 15 maart 2007 aan zijn meerderjarige dochter ter beschikking gesteld, en voldeed daardoor niet langer aan de bij de wet gestelde voorwaarden voor toepassing van de eigenwoning-regeling.

De Groot was het daar niet mee eens, en legde de zaak voor aan Hof Den Bosch.
Het Brabantse Hof besliste dat de woning ook na 15 maart 2007 nog steeds een eigen woning in fiscale zin was. De Groot kon op elk door hem gewenst moment gebruikmaken van de woning, als hij tijdelijk – al dan niet met zijn gezin – in Nederland verbleef. Dat was ook bij herhaling gebeurd. Voor het Hof stond vast dat De Groot de woning niet aan een derde ter beschikking had gesteld: zijn meerderjarige dochter kon realiter niet als een derde worden aangemerkt. 

Financiën ging tegen deze uitspraak in cassatie. Met succes. 
De Hoge Raad besliste dat De Groot de woning ter beschikking had gesteld in de zin van de wet. Dat hij zelf gebruik kon maken van die woning als hij tijdelijk in Nederland verbleef, deed daar niet af dat. De dochter moest volgens de Hoge Raad wél als een derde worden aangemerkt: iedereen die niet behoort tot het huishouden van de belastingplichtige is – voor fiscale doeleinden – een derde. 

De Groot deed – subsidiair – nog een beroep op de goedkeuring van Financiën dat de eigenwoning-regeling van toepassing kan blijven als bij uitzending naar het buitenland een of meer kinderen in de ouderlijke woning blijven wonen. De Hoge Raad wees dat af: die goedkeuring ziet uitsluitend op de situatie dat een kind niet meegaat naar het buitenland, maar in de ouderlijke woning blijft wonen. Dat was in de berechte casus niet het geval: dochter Helena was in 1994 met haar ouders was meeverhuisd naar Nigeria, en pas jaren later weer in de ouderlijke woning gaan wonen.

Commentaar
Een werknemer die naar het buitenland wordt uitgezonden, kan zijn woning in Nederland ná uitzending fiscaal als een eigen woning blijven aanmerken, mits die woning hem al ten minste één jaar als hoofdverblijf ter beschikking staat, hij die woning niet aan derden ter beschikking stelt én hij (en zijn partner) geen andere eigen woning in Nederland heeft. Deze procedure maakt duidelijk dat een volwassen zoon of dochter voor deze regeling als een ‘derde’ wordt aangemerkt, zodra hij of zij niet meer tot het huishouden van senior behoort. Financiën heeft deze expatregeling bij besluit van november 2009 versoepeld. Goedgekeurd is dat de eigenwoning-regeling van toepassing blijft als bij de uitzending een of meer kinderen in de ouderlijke woning blijven wonen. Vereist is dan wel dat het in de woning achterblijvende kind jonger is dan 27 jaar, dat het kind direct voorafgaand aan de uitzending tot het huishouden van senior behoorde, én dat de woning gratis aan het kind ter beschikking wordt gesteld. De belanghebbende in deze procedure voldeed niet aan die voorwaarden, zijn beroep op de gunstregeling werd terecht afgewezen. 

Bron:
BelastingBelangen.nl

Eerder geplaatste artikelen

De werkkostenregeling: de vrije ruimte, een feest
De werkkostenregeling biedt u een vrije ruimte van 1,2% van de fiscale loonsom. Met die vrije ruimte kunt u ‘leuke dingen’ doen voor uw medewerkers. U kunt hen diverse vergoedingen en vers...
Lees meer...
Let op: nieuwe pensioenrichtleeftijd per 1-1-2018
Per 1 januari 2018 wordt de pensioenrichtleeftijd verhoogd van 67 naar 68 jaar. Werkgevers moeten daardoor depensioenregelingen van hun medewerkers – weer –aanpassen, nog dit jaar. Een v...
Lees meer...
Tarief vennootschapsbelasting omlaag
In het regeerakkoord ‘Vertrouwen in de toekomst’ van de coalitie Rutte III wordt voorgesteld om het tarief van de vennootschapsbelasting stapsgewijs te verlagen van 25% naar 21%. Het tarie...
Lees meer...
Hier klikken